1921 en 1924: Solvayraden zonder Duitsers

Op 3 augustus 1914 verklaart Duitsland de oorlog aan Frankrijk. België stelt zich neutraal op maar wordt niettemin de dag daarna door het Duitse leger aangevallen. De Duitse legers zijn bijzonder brutaal op hun doortocht. Zo wordt de stad Leuven hevig onder vuur genomen en wordt de unieke universiteitsbibliotheek volledig verwoest.

De internationale publieke verontwaardiging hierover is groot: Duitsland wordt van een barbarij beschuldigd. In oktober 1914 ondertekenen 93 Duitse intellectuelen waaronder Wilhelm Röntgen, Max Planck, Walther Nernst en Wilhem Ostwald een manifest, Aufruf an die Kulturwelt,  waarin ze deze aantijgingen ontkennen en de oorlog rechtvaardigen: “Zonder het Duitse militarisme zou de Duitse cultuur van de planeet verdreven worden”  besluiten ze hun brief. Na de oorlog wordt hen deze brief zeer kwalijk genomen door de overwinnaars. Duitsers en Oostenrijkers worden op geen enkel wetenschappelijk congres meer uitgenodigd.

Voor de eerste Solvayraad na de oorlog doet Lorentz nog tevergeefs het voorstel om de Duitsers voor altijd uit te sluiten. Ook Einstein, die zich pacifistisch had opgesteld en geweigerd had de brief te ondertekenen, wordt niet ontzien. Er is heel wat tegenkanting maar  hij wordt uiteindelijk toch op de eerste Raad na de oorlog in 1921 toegelaten. Rutherford schrijft: De enige uitgenodigde Duister is Einstein die in dit geval als een internationaal wordt beschouwd. (Einstein had zowel de Zwitserse als de Duitse nationaliteit). Einstein komt echter niet. Hij is met Chaim Weizman in de Verenigde Staten om fondsen te verzamelen voor de Hebreeuwse universiteit in Jeruzalem.