Ernest Rutherford

Ernest_Rutherford_LOCDe in Nieuw Zeeland geboren Ernest Rutherford (1879-1937) behaalde in 1893 een master in wis- en natuurkunde. Na zijn studie en twee jaar onderzoek kreeg hij een studiebeurs voor een promotieonderzoek in Cambridge (UK). Vanaf 1896 werkte hij samen met de Britse natuurkundige Joseph John Thomson aan het Cavendish-laboratorium. Hij assisteerde Thomson bij diens onderzoek naar de effecten van röntgenstraling.
Omdat hij geen hoogleraarschap kreeg in Cambridge week hij in 1898 uit naar Canada waar hij zijn onderzoek verder zette. Hij ontdekte in 1898 dat deze straling bestond uit twee deeltjes: alfa en bèta. Rond 1907 keerde Rutherford terug naar Groot-Brittannië en werd hij benoemd tot hoogleraar in de natuurkunde aan de universiteit van Manchester. In 1908 kreeg hij de Nobelprijs voor zijn onderzoek naar het uiteenvallen van elementen en de scheikunde van radioactieve stoffen.

In 1911 kwam hij met het atoommodel. Tijdens zijn experimenten had hij ontdekt dat een atoom bestaat uit een kleine kern, die bestaat uit positieve protonen, met daaromheen elektronen. Rutherford legde hiermee een basis voor de kernfysica, waarvan hij ook wel de vader genoemd werd.
In 1919 volgde hij zijn leermeester J.J. Thomson op als directeur van het Cavendish-laboratorium te Cambridge, een positie die hij tot aan zijn overlijden behield. Als hoofd van het laboratorium begeleidde hij vele toekomstige Nobelprijswinnaars. De laatste jaren van zijn leven diende hij als president van de Academic Assistance Council, een groep die ondersteuning bood aan Joodse wetenschappers die nazi-Duitsland wilden ontvluchten.

Rutherford met een collega in het Cavendish lab rond 1935. Zijn medewerkers hadden een bordje met Talk Softly (spreek zachtjes) opgehangen omdat de bulderende stem van Rurherford de gevoelige apparatuur kon verstoren.

Verder lezen