Het atoommodel van Thomson

j j thomson

Thomson Plum Pudding Model

Het plumpuddingmodel van het atoom. Elektronen zijn verdeeld over een diffuse positief geladen sfeer

In 1897 ontdekt J.J. Thomson dat uit een atoom heel kleine deeltjes met een negatieve elektrische lading kunnen worden los gemaakt. Een atoom is dus geen homogene brok materie maar moet een inwendige structuur hebben. In 1902 postuleert William Kelvin dat een atoom is samengesteld uit een positieve lading die over het hele volume van het atoom is uitgesmeerd met daarin de elektronen zoals krenten in een pudding. Dit is het plumpuddingmodel.

Thomson verfijnt dit model door de elektronen zo in het atoom te verdelen dat een statisch evenwicht ontstaat. Het atoom zendt geen straling uit tenzij de elektronen door een uitwendige oorzaak aan het trillen gebracht worden. Maxwell had immers voorspeld dat versnelde elektrische ladingen elektromagnetische straling uitzenden.

Thomson stelt voor dit model te testen door na te gaan hoe door radioactieve elementen uitgestraalde deeltjes afgebogen worden als ze met een atoom botsen. Hij verwacht een kleine gemiddelde afbuigingshoek van minder dan 10° per botsing. Deze verwachting zal snel worden tegengesproken.